UIT DE KRANTEN VAN VIJFTIG JAAR GELEDEN

Augustus 1976

Door Berry Dongelmans

NAAR DE 10.000ste KABELAANSLUITING

In de loop van 1976 wordt er stug gewerkt aan de aanleg van een Centrale Antenne Inrichting (CAI) in Alphen. De bedoeling is dat de huishoudens in de gemeente Alphen langzaam maar zeker overgaan naar een lokaal kabelsysteem, dat de signalen voor radio en televisie verdeelt over de woningen, wijken en gebouwen. Daarmee moet er een einde komen aan het woud van particuliere televisieantennes dat niet alleen lelijk was, maar ook nog eens gevaarlijk. Bij hevige storm woei er nog wel eens een antenne van het dak. De bekabeling in Alphen was in handen van de stichting Sodea, maar in Ridderveld bestond al de Vereniging CAS (Centraal Antenne Systeem) in de componistenbuurt.

Het leggen van de CAI-kabel door de Rijn, maart 1976
De 10.000ste abonnee mevrouw Van Mourik wordt verrast met een fraaie plant door P. Duinker, voorzitter van Sodea.

De bewoners van de componistenbuurt in Ridderveld hielden daarom in het begin de boot af. Hoewel Sodea de Vereniging CAS zeker wilde overnemen, ging de vereniging in zee met een andere gegadigde die bereid was zo’n 10.000 gulden te betalen, aanzienlijk meer dan Sodea op tafel wilde leggen. Toen deze gegadigde zich terugtrok, bleef CAS met lege handen achter. Steeds meer bewoners van de componistenbuurt kozen eieren voor hun geld en bij een enquête bleek, dat ruim 40% toch een aansluiting bij Sodea wilde. P. Duinker, voorzitter van Sodea, verklaarde: ‘We willen zeker geen strafmaatregelen nemen, door deze bewoners op de CAI te laten wachten tot we overal elders in Alphen de zaak hebben aangelegd. We hopen in de componistenbuurt over niet al te lange tijd met de aanleg te beginnen.’

De heer K.J. Stromph, bestuurslid van CAS, zei ‘dat er wel een bod op de installatie is gedaan door “een andere partij dan Sodea”. Of toen tienduizend gulden is geboden, zoals algemeen wordt beweerd, wilde hij echter niet bevestigen.’  Een groot percentage van de leden van CAS heeft aangegeven de vereniging te willen opheffen. Ook het bestuur kan zich – we zijn een democratische club – hierin uiteindelijk vinden. Daaraan voegt de heer Stromph toe: ‘Er is overigens niet alleen verschil van inzicht geweest over de overname van de bestaande apparatuur, maar we zijn ook tegen de monopolypositie die Sodea van de gemeente heeft gekregen. Maar ja, wij zijn een muisje vergeleken bij Sodea, je kunt de zaak niet tegenhouden.’

Op 19 augustus meldde de Rijn en Gouwe dat de 10.000ste abonnee zich voor het CAI had opgegeven.

Bron: Rijn en Gouwe 9 juli, 4 augustus en 19 augustus 1976